Vragenkompas

Onze hersenen werken niet lineair, niet in vakjes, niet volgens een eenvoudig lineair stappenplan. Ze werken veeleer interactief, dynamisch, ‘gericht chaotisch’. De elementen in onze hersenen werken tegelijkertijd, samen én afwisselend in vele richtingen. Het is niet: ‘Gebruik eerst je linker hersenhelft en dan je rechter hersenhelft’. Daarom is een kompas hanteren een juistere aanpak.
Het Vragenkompas toont de verschillende dimensies van het innerlijk proces van wikken en wegen dat onbewust in ons speelt telkens we ergens tegenaan lopen. Het toont de acht dimensies die een rol spelen telkens we waarnemen, een situatie beoordelen, een keuze maken, een besluit nemen, beslissen en tot actie over gaan.
Voortdurend beweegt in jou een innerlijk proces van wikken en wegen tussen deze acht richtingen.

Waarvoor gebruik je het Vragenkompas?

Het Vragenkompas is de basis van verschillende concrete toepassingen. Het kompas steunt op het stellen van de ‘juiste’ vragen, op het ‘juiste’ moment, voor de ‘juiste’ werkvraag, van déze persoon.
Bij iedere toepassing verschijnen er voor ieder van de acht richtingen en de context specifieke vragen en thema’s.
• Bij het zoeken en vinden van wegen naar oplossingen voor belangrijke vragen en problemen, bij het werken met een team, bij het ontwerpen van projecten, gebruik je het 
… Zoek- en vindkompas.

• Bij het overleggen, bij ieder belangrijk gesprek, bij een conflict, bij spanning, voor een evenwichtige besluit- en beslissingsvorming , gebruik je het 
… Overlegkompas.
Bij het begeleiden en coachen van mensen, bij mediation en bij hulpverlening, gebruik je het
 … Begeleiderskompas.

Hoe hanteer je het kompas?

Eerst kies je een plek waar je een breder zicht hebt op de situatie. Midden in een ‘dramatische’ situatie lukt dat niet. Je kiest een moment uit waarop je wat afstand kunt nemen en je tijd en aandacht geeft om helder te zien waar je tegenaan loopt, wat je niet wilt, wat dat met je doet en wat je wél wilt.
Daarop formuleer je je actueel thema, je ‘brandende vraag’, de vraag die er op dit moment écht toe doet. Een scherpe formulering resulteert in vruchtbare antwoorden, een vage werkvraag (wat meestal een schijnprobleem is) geeft geen of vage resultaten.
Je gebruikt het Vragenkompas eerst om je werkvraag te verkennen zodat het voor jou duidelijk is: “Dit is dé vraag waar ik nu aan wil werken!” (Dat is meestal niet de vraag waarmee je startte.)

Vervolgens stel je onderzoeks-, belevings- en reflectievragen, confronterende, besluitvormende en actiegerichte vragen. Je kiest vanuit welke van de acht richtingen van het kompas je zo’n vraag stelt.
Een vraag stellen betekent een uitnodiging om in die bepaalde richting te kijken en te bewegen. Je kunt ook een vraag stellen over de context of over de formulering van de werkvraag zelf.

De ‘juiste’ vragen zijn die vragen die ‘werken’, hier en nu, vragen die jou of de ander werkelijk een stapje verder brengen.
Je volgt geen voorgeschreven weg, je start niet op een voorgeschreven beginpunt, je stopt niet bij een vooropgesteld eindpunt. Op ieder moment maak je de keuze welke je volgende vraag, je volgende bedenking, je volgende stap, je volgende actie zal zijn.
Belangrijk daarbij is: heb aandacht voor waar je loopt, voor wat je doet en niet doet, sta open voor het onverwachte, laat de verwondering toe, beheers het actief niet-doen (het taoïstische wu-wei), ga niet enkel  voor inzicht maar onderneem tegelijk, geef geen energie aan vragen die niet werken!